Afwijzing doet pijn
In een onderzoek speelden mensen een simpel balspelletje op een scherm, met twee spelers die ze niet kenden. Na een tijdje gooien die twee de bal alleen nog naar elkaar. De deelnemer wordt genegeerd, terwijl hij in een scanner ligt.
Het stelt niets voor. Een balletje op een beeldscherm, en de twee andere spelers waren niet eens echt, het was de computer. En toch lichtte in hun brein een gebied op dat ook aangaat bij lichamelijke pijn.
Daarom praten we zoals we praten. Gekwetst. Een gebroken hart. Het doet zeer. Dat zijn geen beeldspraken die we ooit hebben verzonnen; het lichaam maakt het verschil zelf nauwelijks.
Als een afwijzing je harder raakt dan je redelijk vindt, ben je niet overgevoelig. Er gaat een oud alarm af, gemaakt om je bij de groep te houden.

